Subscribe: Nieuwbouwwijzer
http://www.nieuwbouwwijzer.nl/feed
Added By: leydens Feedage Grade B rated
Language: Dutch
Tags:
aantal  als  bij  die  dit  door  kunnen  kwartaal  lsquo  meer  met  naar  onderzoek  procent  uit  woningen  worden 
Rate this Feed
Rate this feedRate this feedRate this feedRate this feedRate this feed
Rate this feed 1 starRate this feed 2 starRate this feed 3 starRate this feed 4 starRate this feed 5 star

Comments (0)

Feed Details and Statistics Feed Statistics
Preview: Nieuwbouwwijzer

Nieuwbouwwijzer



Het meest complete nieuwbouw woningen & appartementen overzicht



Last Build Date: Sat, 25 Nov 2017 01:51:32 +0100

 



Energierekening stijgt flink door belastingen

Fri, 24 Nov 2017 00:00:00 +0100

Huishoudens krijgen een flink hogere energierekening. Door belastingverhogingen gaat een gemiddeld huishouden de komende jaren € 260 meer betalen, blijkt uit cijfers van Vereniging Eigen Huis.

Oorzaken zijn de hogere energiebelasting en de stijgende Opslag Duurzame Energie. De energierekening stijgt hiermee veel harder dan het kabinet voorspiegelt; het ministerie van Financiën spreekt van een verhoging van iets meer dan € 160.

Volgens berekeningen van Vereniging Eigen Huis loopt de verhoging in de periode 2018 tot 2021 op tot € 260.

Oneerlijke lastenverdeling
Vereniging Eigen Huis vindt dat consumenten onevenredig veel betalen voor de verduurzaming van ons land. De lastenverhoging komt vooral terecht bij huishoudens, terwijl de industrie juist lagere belastingen betaalt en profiteert van hogere subsidies.

Energieverbruik daalt licht
Uit cijfers van instanties als Milieu Centraal en het Nibud blijkt dat het energieverbruik van huishoudens wel licht daalt, maar lang niet zo sterk als door de overheid wordt voorgespiegeld.

Door te rekenen met fors dalende verbruikscijfers, lijken de effecten van de belastingverhoging mee te vallen. In werkelijkheid krijgen veel huishoudens met een vrij stabiel verbruik juist een fors hogere rekening gepresenteerd.

Besparingsperspectief
Huishoudens kunnen hun woning energiezuiniger maken en het elektriciteitsverbruik fors verlagen door bijvoorbeeld te investeren in isolatie, zonnepanelen en energiezuinige apparatuur. Maar het voordeel van een lagere energierekening wordt al snel weer tenietgedaan door de belastingverhoging. Vereniging Eigen Huis vindt daarom dat de overheid huiseigenaren een langjarig besparingsperspectief moet bieden. Dat kan door energiesubsidies en andere vormen van financiële ondersteuning.

Wat is de Opslag Duurzame Energie?
De Opslag Duurzame Energie is een heffing die consumenten sinds 1 januari 2013 betalen via de energierekening. Het is een extra belasting naast de energiebelasting. De ODE is ingevoerd om de subsidieregeling Stimulering Duurzame Energieproductie (SDE+) te financieren. Deze subsidieregeling moet investeringen van het bedrijfsleven in duurzame energie stimuleren.




Omzetgroei bouw kleiner, tekort aan personeel groter

Fri, 24 Nov 2017 00:00:00 +0100

De omzet van de bouw steeg in het derde kwartaal met 3,1 procent vergeleken met dezelfde periode vorig jaar. De omzetgroei in de bouw neemt daarmee af. Steeds meer ondernemers geven aan personeels- en materiaaltekorten te hebben die hun bouwactiviteiten belemmeren. Dit meldt het CBS in de Kwartaalmonitor bouw.

De bouwomzet groeide in het derde kwartaal weliswaar voor het twaalfde kwartaal op rij, maar de omzetgroei was de kleinste in bijna twee jaar. In het eerste halfjaar van 2017 groeide de omzet nog ruim 6 procent, terwijl die in het laatste halfjaar van 2016 nog met meer dan 8 procent was toegenomen.

Meeste openstaande vacatures in bijna negen jaar

De omzetgroei in de afgelopen twaalf kwartalen ging gepaard met een grotere werkgelegenheid in de bouwsector. Het totale aantal banen (zowel werknemers als zelfstandigen) in de bouw kwam in het derde kwartaal uit op 526 duizend, gecorrigeerd voor seizoeneffecten. Dat zijn 2 duizend banen meer dan in het tweede kwartaal. Aan het eind van het derde kwartaal stonden 12,8 duizend vacatures open. Dit is het hoogste aantal in bijna negen jaar.

Een op vijf bouwbedrijven meldt personeelstekort

Bij een afnemende omzetgroei en oplopend aantal vacatures, zien steeds meer bouwondernemers een tekort aan arbeidskrachten als een belemmering voor hun productie. Een op de vijf bouwondernemers gaf aan het begin van het vierde kwartaal aan dat de productie beperkt wordt door een tekort aan personeel. Daarnaast gaf 13 procent aan dat een tekort aan materialen de productie belemmert, ruim drie keer zoveel als een kwartaal eerder.

Tot anderhalf jaar geleden speelden deze belemmeringen in de bouwsector niet. Toen was onvoldoende vraag voor ondernemers juist de grootste belemmering voor hun bouwactiviteiten. Waar begin 2013 nog meer dan de helft van de bouwondernemers onvoldoende vraag als grootste belemmering zag, in 2017 werd dit door minder dan 5 procent als belemmering genoemd.

Ruim helft bouwondernemers verwacht de tarieven te verhogen

In deze periode van toenemende de vraag naar bouwdiensten enerzijds en toenemende belemmeringen voor de bouwproductie anderzijds groeit ook het aantal bouwondernemers dat verwacht hogere tarieven te berekenen. Meer dan de helft van de bouwondernemers gaf aan het begin van het vierde kwartaal aan een tariefstijging te verwachten. Dat is sinds het begin van de meting eind 2008 nog niet voorgekomen. Bouwondernemers die prijsdalingen verwachten zijn er nauwelijks meer.
Omvang bouwsector nog onder top van 2008

De omvang van de bouwnijverheid, uitgedrukt in het volume van de toegevoegde waarde (de productiewaarde van de bouwnijverheid minus de waarde van goederen en diensten die tijdens deze productie zijn opgebruikt), ligt ondanks de groei in de afgelopen vier jaar nog altijd onder de top van 2008. In de eerste drie kwartalen van 2017 lag de toegevoegde waarde nog 4,5 procent onder die van de eerste drie kwartalen van 2008. Het aantal banen in de bouw blijft echter veel verder achter: in het derde kwartaal van 2017 had de bouw in totaal 526 duizend banen, ruim 15 procent minder dan in het derde kwartaal van 2008, toen er in de bouw een recordaantal van 620 duizend banen was.




Ministerie neemt regie woningbouw

Thu, 23 Nov 2017 00:00:00 +0100

De jaarlijkse rapportage Staat van de Woningmarkt is onlangs door minister Ollongren naar de Tweede Kamer gestuurd. De minister erkent in de begeleidende brief de noodzaak voor het versnellen van de woningbouw en de verduurzaming van de woningvoorraad.

De betaalbaarheid van de huursector krijgt in de brief weinig aandacht. Terwijl de huurprijzen onder het vorige kabinet fors zijn gestegen en veel huurders tegen te hoge huurprijzen aanlopen.

Versnellen woningbouw

Om de woningbouw te versnellen, neemt het Rijk de komende jaren een regisserende rol, schrijft Ollongren aan de Tweede Kamer. Ze wil met stedelijke regio’s ambitieuze afspraken maken over het versnellen van nieuwbouw. Ook de transformatie van gebouwen naar woningen kan daar een rol in spelen.

Landelijk overleg

De minister wil ook een landelijk overleg met koepelorganisaties over de woningmarkt. De Woonbond werkt hier graag aan mee. De grote problemen met de betaalbaarheid van huurwoningen en het aanpakken van de woningnood staan daarbij voor ons centraal. Het aanpakken van de hoge woonlasten van huurders is nu nog een blinde vlek in het beleid.

‘Middenhuur’

Het regeerakkoord geeft prioriteit aan de zogenoemde ‘middenhuur’. Dit zijn woningen die qua prijs aan het begin van de vrije sector liggen. In de brief aan de Tweede Kamer geeft de minister aan hier met lokale overheden afspraken over te gaan maken. Een recent onderzoek van het Planbureau voor de Leefomgeving onderstreept nog eens dat veel middeninkomens helemaal geen huren in de vrije sector kunnen betalen. Ook de minister lijkt hier oog voor te hebben. ‘Wat deze groepen middeninkomens kunnen besteden aan wonen varieert aanzienlijk’, schrijft ze aan de Kamer. ‘Dit onderstreept de noodzaak van een gevarieerd aanbod aan woningen, passend bij ieders financiële mogelijkheden.’

De Woonbond vindt het verstandig om maatregelen te nemen om huurprijzen in de vrije sector aan banden te leggen, maar ziet dat veel middeninkomens in de sociale sector thuis horen.

Verduurzaming

Er moet veel gebeuren om de doelstellingen uit het klimaatakkoord te halen, beaamt Ollongren. Er moeten jaarlijks 200.000 woningen worden verduurzaamd en 30.000 tot 50.000 woningen ‘aardgasvrij’ worden gemaakt. Nieuwbouw moet aan het eind van de kabinetsperiode in de regel niet meer met aardgas worden verwarmd.




Te hoge stookkosten bij blokverwarming

Wed, 22 Nov 2017 00:00:00 +0100

Veel woningen hebben blokverwarming, een vorm van collectieve verwarming waarbij een geheel wooncomplex verwarmd wordt met één ketel.

Bij blokverwarming wordt niet excact gemeten hoeveel iemand verbruikt, maar worden de kosten met een verdeelsleutel verdeeld.

Welbions

In Hengelo trokken huurders aan de bel vanwege problemen met de blokverwarming. Veel huurders moesten hoge bedragen bijbetalen. Woningcorporatie Welbions schakelde daarom adviseur Siem Goede van het Woonbond Kennis- en Adviescentrum in om de blokverwarming te onderzoeken.

Radiatormeters en ongelijke verdeling stookkosten

Uit het onderzoek bleek onder meer dat de voetventielen van nieuwe radiatoren niet goed waren afgesteld. Daardoor loopt het warme water snel door de radiator en de leidingen en worden de leidingen warm. De onderste woningen hoeven daarom nooit de radiator aan te zetten omdat de leidingen genoeg warmte afgeven. De bovenste woningen, waar minder leidingen zitten, moeten de radiator wel aanzetten en krijgen daarom een fors deel van de totale stookkosten voor hun rekening. Er wordt bij blokverwarming vaak gebruik gemaakt van zogenaamde ‘radiatormeters’. Deze meten niet de warmteafgifte door de leidingen, maar alleen bij de radiator. Op basis van het onderzoek heeft Welbions enkele technische verbeteringen uitgevoerd.

Kijk naar het hele systeem

´Bij problemen met blokverwarming is het van belang goed naar het hele systeem te kijken. Want het technische probleem zit vaak op een andere plek dan het appartement van de bewoner die er last van heeft,’ aldus Goede. ‘Een goed functionerende blokverwarming bespaart energie en verhoogt het wooncomfort.’




Grootste prijsstijging koopwoningen sinds begin 2002

Wed, 22 Nov 2017 00:00:00 +0100

Bestaande koopwoningen waren in oktober 8,2 procent duurder dan in oktober 2016. Dit is de grootste prijsstijging in bijna 16 jaar. Sinds juni 2013 is sprake van een stijgende trend van de huizenprijzen.

Dit blijkt uit het onderzoek naar de prijsontwikkeling van bestaande particuliere koopwoningen in Nederland van het CBS en het Kadaster. De prijsindex bestaande koopwoningen is één van de inflatie-indicatoren die is opgenomen in het prijzendashboard.

Prijzen 22 procent hoger dan tijdens dal in juni 2013

In augustus 2008 bereikten de woningprijzen een piek. Vervolgens daalden de prijzen tot een dieptepunt in juni 2013. Sindsdien is er sprake van een stijgende trend. Ten opzichte van de piek is het prijsniveau nog ruim 4 procent lager. Vergeleken met het dal zijn de prijzen gemiddeld 22 procent hoger. Het gemiddelde prijsniveau van bestaande koopwoningen is in oktober 2017 ongeveer even hoog als in mei 2007.

Meer bestaande koopwoningen verkocht

Het Kadaster maakte afgelopen vrijdag bekend dat het in oktober 20 143 verkochte woningen registreerde. In de eerste tien maanden van 2017 zijn 195 815 huizen verkocht. Dat is ruim 14 procent meer dan in dezelfde periode van 2016.




Oktober weer prima maand voor de woningmarkt

Tue, 21 Nov 2017 00:00:00 +0100

De gemiddelde koopprijs van bestaande woningen is in oktober uitgekomen op € 269.083, een stijging van 8,6% in vergelijking met oktober 2016. Het aantal transacties komt in deze maand uit op 20.142, 16,2% meer dan in oktober 2016. In onderstaande grafiek is de maand op maand ontwikkeling ten opzichte van voorgaande jaren te zien. In de eerste 10 maanden van 2017 komt de gemiddelde koopsom uit op € 262.600, 8% meer dan in deze maanden van 2016. Het aantal transacties stijgt in deze periode met 14,3% tot 195.815. Dit blijkt uit onderzoek van Woningmarktcijfers.nl op basis van recente cijfers van het Kadaster.

Verschillen per provincie
De verschillen per provincie zijn groot. In Groningen kost een woning gemiddeld € 195.000, terwijl in Noord Holland gemiddeld € 332.000 betaald moet worden. De prijsstijgingen lopen in een jaar tijd eveneens fors uiteen, van 4% stijging in Drenthe tot bijna 12% in Utrecht.

Woningtransacties per provincie
Bij dit onderdeel kijken we naar de ontwikkeling over 10 maanden. Noord Holland valt op met een minimale stijging van 1,7%. Het afnemende woningaanbod mag als oorzaak worden gezien. In Flevoland worden maar liefst 26% meer woningen verkocht in vergelijking met deze maanden in 2016.

2017, het jaar van nieuwe records
Onze verwachting is dat de gemiddelde koopsom in 2017 zich op het huidige niveau van € 263.000 zal handhaven. Het aantal transacties zou wel eens de 245.000 kunnen bereiken.




Ook ACM vindt energienota te onduidelijk

Fri, 17 Nov 2017 00:00:00 +0100

Slechts 16 van de 40 energiebedrijven sturen begrijpelijke en controleerbare nota’s. Dit blijkt uit onderzoek van de Autoriteit Consument & Markt (ACM). Vereniging Eigen Huis constateerde in februari 2017 al dat energienota’s te complex zijn.

De jaarnota’s van drie energieleveranciers zijn zelfs zo slecht, dat als ze begin 2018 niet aan de ACM-normen voldoen, de ACM een boete gaat opleggen.

Duidelijke tarieven en gelijke eenheden

De ACM wil onder meer dat tarieven die tussentijds zijn aangepast duidelijk zichtbaar zijn en niet als gemiddelde over de hele factuurperiode worden vermeld. Daarnaast moeten op de energienota en in het energiecontract dezelfde eenheden staan: als het contract prijzen geeft per dag, dan moet dat zo ook op de nota terugkomen.

Eerder had de ACM de energiebedrijven tot 1 juli 2017 de tijd gegeven om met verbeteringen te komen. Bij maar liefst 24 leveranciers voldeden de nota’s op 1 juli 2017 niet aan bovengenoemde eisen.

Wat vindt Vereniging Eigen Huis?

Vereniging Eigen Huis wees minister Kamp eerder al op onduidelijke energienota’s. Ook constateerde de vereniging in februari dat energienota’s vaak zo complex zijn dat alleen experts de fouten kunnen ontdekken. De vereniging verzocht de ACM destijds in actie te komen en toe te zien op begrijpelijke en correcte nota’s.

De vereniging vindt het jammer dat de ACM alleen heeft gekeken naar de duidelijkheid van energienota’s en niet naar of de nota’s kloppen. Ook worden de drie leveranciers die echt ondermaats presteren niet bij name genoemd. Vereniging Eigen Huis vindt dat consumenten het recht hebben om te weten welke leveranciers dat zijn.

Gemiste kans

Maarten Eeke van der Veen, beleidsadviseur Energie: ‘We zijn blij dat de ACM in actie komt. Helaas scoren lang niet alle energiebedrijven een voldoende. Het is in het belang van de consument om te weten welke leveranciers dit precies zijn. Bovendien vinden we het een gemiste kans dat de ACM niet heeft gekeken of de nota’s kloppen. Ons eerdere onderzoek gaf daar alle reden toe. Consumenten hebben recht op een leesbare en vooral juiste jaarnota.’




Wethouders willen meer kunnen doen tegen huisjesmelkers

Thu, 16 Nov 2017 00:00:00 +0100

Wethouders willen meer mogelijkheden om huisjesmelkers aan te pakken. Dat blijkt uit een brandbrief die wethouders uit twaalf studentensteden aan minister van Binnenlandse Zaken Kajsa Ollongren hebben gestuurd.

Huisjesmelkers maken misbruik van schaarste door veel te hoge huurprijzen te vragen. Daarnaast zijn er veel klachten over intimidatie door verhuurders wanneer huurders klagen over de te hoge huur of gebrekkig onderhoud.

Huisjesmelkers harder aanpakken

De wethouders willen dat gemeenten meer mogelijkheden krijgen om huisjesmelkers aan te pakken. Zoals het opleggen van dwangsommen en boetes wanneer huisjesmelkers de regels overtreden.

Breed draagvlak

De brief is ondertekend door wethouders uit Amsterdam, Delft, Den Haag, Eindhoven, Enschede, Groningen, Maastricht, Nijmegen, Rotterdam, Tilburg, Utrecht en Wageningen. De Landelijke Studentenvakbond staat achter de oproep. Ook de Woonbond is voor het effectiever aanpakken van huisjesmelkers.




Huren vrije sector onbetaalbaar voor middeninkomens

Tue, 14 Nov 2017 00:00:00 +0100

Huurwoningen in de vrije sector zijn voor veel huishoudens met een lager middeninkomen niet te betalen. Dat blijkt uit een vandaag verschenen onderzoek van het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL).

Het PBL waarschuwt dat deze mensen tussen wal en schip dreigen te vallen, doordat ze door hun inkomen vaak net niet meer in de sociale huursector terechtkunnen.

Middeninkomen uit sociale sector gejaagd

Van de huishoudens met een middeninkomen die in een sociale huurwoning van een corporatie wonen, kan bijna de helft geen huurprijs betalen die boven de sociale huurgrens ligt. Toch kunnen middeninkomens sinds 2013 een hogere huurverhoging krijgen. Deze inkomensafhankelijke huurverhoging is ingevoerd om de middeninkomens de sociale huursector uit te jagen. De Woonbond is tegen de inkomensafhankelijke huurverhoging of 'Gluurverhoging'. De privacy van huurders wordt geschonden omdat elk jaar inkomensgegevens worden gedeeld met verhuurders, en bescheiden middeninkomens lopen tegen torenhoge huurprijzen aan. Woonbonddirecteur Ronald Paping: ‘Wat ons betreft moeten middeninkomens ook terechtkunnen in de sociale huursector. Dit uitrookbeleid moet echt van tafel.’

Rechtszaak Gluurverhoging

Om inkomensafhankelijke huurverhogingen te kunnen vragen wordt ook op grote schaal privacy van huurders geschonden. De Belastingdienst deelt hiervoor inkomensgegevens met verhuurders. Eerder oordeelde de Raad van State al dat dat niet mocht. De Woonbond heeft een rechtszaak lopen tegen belastingdienst en verhuurderskoepels over de ‘Gluurverhoging’. Op 15 november wordt er een uitspraak verwacht.

PBL: verleng ruimere toewijzing

Corporaties kunnen tot 2021 10% van de vrijkomende woningen toewijzen aan huishoudens met een inkomen tussen € 36.135 en € 40.349. Het PBL vindt dat er moet worden gedacht aan een verlenging van de verruimde toewijzingsmogelijkheden in de sociale huursector.




8 duizend woningen door transformaties van gebouwen

Tue, 14 Nov 2017 00:00:00 +0100

Door transformaties van bestaande gebouwen zoals kantoren, fabriekspanden of winkels zijn in 2016 ruim 8 duizend nieuwe woningen ontstaan. Dat is ruim 9 procent van alle woningen die in 2016 aan de woningvoorraad werden toegevoegd. In Eindhoven werden de meeste transformaties uitgevoerd, gevolgd door Amsterdam en Den Haag. Dat blijkt uit onderzoek van het CBS in opdracht van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties.

Eindhoven koploper

De vijf gemeenten met de meeste transformaties waren in 2016 verantwoordelijk voor 2,4 duizend woningen die door transformatie aan de woningvoorraad zijn toegevoegd. In Eindhoven was dat aantal, net als in 2015, het hoogst. Daar werden bijna 800 woningen gecreëerd in bestaande gebouwen, voornamelijk kantoorpanden. Hiermee vormen woningen uit transformaties ruim 40 procent van alle aan de woningvoorraad toegevoegde woningen van Eindhoven. Amsterdam volgde met bijna 600 woningen door transformaties. Dat is 8 procent van de totale woningvoorraadtoename in Amsterdam.

Helft nieuwe woningen uit transformaties in kantoren

Vooral voormalig kantoorgebouwen worden in Nederland tot woningen omgebouwd. In totaal ging het om bijna 4 duizend woningen, ongeveer de helft van alle woningtransformaties in 2016.
Zo’n 16 procent, bijna 1 300 woningen, werden gebouwd in voormalig maatschappelijk vastgoed. Het gaat dan om gebouwen die eerder bijvoorbeeld een bijeenkomst-, gezondheids-, onderwijs-, of sportfunctie hadden. Bijna 11 procent van de woningen ontstond in voormalig winkels.

34 duizend nieuwe woningen door transformaties

In de jaren 2012-2016 zijn bijna 34 duizend woningen ontstaan door transformaties van bestaande gebouwen. Het aantal transformaties is in 2016 nagenoeg gelijk aan 2015 en 2013. In 2012 lag het aantal woningtransformaties lager. Vanaf deze periode werd het hergebruiken van leegstaande bestaande panden interessanter, doordat het Rijk toen de meeste obstakels voor transformatie in wet- en regelgeving wegnam. In 2012 was minder dan 4 procent van de toename in woningvoorraad afkomstig uit transformaties, in 2015 en 2016 was dat tussen de 9 en 10 procent.

Onderzoek op basis van meerdere registers

Het CBS deed het onderzoek naar de transformatie van bestaande panden tot woningen op basis van meerdere registers en administratieve systemen. Zo is er geput uit de Basisregistraties Adressen en Gebouwen (BAG), Basisregistratie Personen (BRP) en Waardering Onroerende Zaken (WOZ).




Huizenkopers blijven hoopvol

Mon, 13 Nov 2017 00:00:00 +0100

Het vertrouwen van Nederlanders in de woningmarkt is stabiel op een hoog niveau, blijkt uit de Eigen Huis Marktindicator. De indicator daalt in oktober met één punt naar 112.

De lage hypotheekrente, het krappe woningaanbod en de hoge huizenprijzen beïnvloeden de situatie op de woningmarkt momenteel sterk. Tijdens de meting van het consumentenvertrouwen waren de maatregelen van het nieuwe kabinet nog niet bekend.

Eigen geld is nodig

Omdat meer mensen in een kleinere vijver vissen, komt overbieden vaker voor. Tegelijkertijd kan door de nieuwe leennormen volgend jaar nog maximaal de woningwaarde worden geleend. Dit betekent dat kopers steeds meer eigen geld op tafel moeten leggen.

Starters in de problemen

Vooral voor starters is dit een probleem. Zij kunnen de overstap van een huur- naar een koopwoning pas maken als ze over een fors bedrag aan spaargeld beschikken, of als ze kunnen rekenen op een schenking.




Ouderen slecht voorbereid op zelfstandig wonen

Wed, 08 Nov 2017 00:00:00 +0100

Ouderen moeten tegenwoordig langer zelfstandig thuis wonen, maar ze zijn zich maar weinig bewust van de maatregelen die ze daarvoor bijtijds moeten nemen. Ruim 71% van de 60 tot 80 jarigen is niet bezig met het aanpassen van de woning, zo blijkt uit onderzoek van de stichting Zilver Wonen Weken.

Zelfs van de 70- en 75-plussers bereidt ruim 60% zich nog niet voor. Terwijl zij het zelfstandig kunnen blijven wonen, na een goede gezondheid, als belangrijkst voor hun toekomstige welzijn zien.

Te laat in actie

Ouderen geven 'te vroeg' (37%), 'geen prioriteit' (37%) en 'onwetendheid' (9%) als belangrijkste redenen zich nog niet verdiept te hebben in de nodige maatregelen om langer thuis te blijven wonen. “Mensen komen vaak te laat in actie. Wacht niet tot je lelijk valt of plots minder mobiel bent, maar denk tijdig over je toekomst na, zodat je veel veiliger kunt wonen én vaak nog comfortabeler ook”, zegt Coen Staal, secretaris van de stichting Zilver Wonen Weken – een initiatief van o.a. ANBO dat ondersteund wordt door de ministeries van Binnenlandse Zaken en VWS.

Snel aanpassingen nodig

“Bij verminderde mobiliteit zijn al snel aanpassingen nodig zoals drempel­verlagers, handgrepen op het toilet en misschien zelfs wel een traplift. Maar denk ook aan een minder gladde badkamervloer of domotica. Of haal typische struikelblokken, zoals kleedjes in de gang en slaapkamer weg. Dat maakt dat je nu al geniet van een comfortabeler en veiliger woning”, aldus Staal.

Gemeenten en verhuurders ook verantwoordelijk

Huurders zijn voor aanpassingen van de woning ook afhankelijk van de bereidwilligheid van verhuurders en gemeenten. Zij moeten deze rol actief oppakken. De Woonbond ontvangt signalen dat huurders bij het aanvragen van woningaanpassingen door gemeente en verhuurder van het kastje naar de muur worden gestuurd. Daarnaast moeten er meer betaalbare seniorenwoningen worden gebouwd. Daar zou de Rijksoverheid volgens de Woonbond een actievere rol in moeten spelen. Lees meer over langer zelfstandig wonen in ons webdossier wonen en zorg.




Kortste verkooptijd, sterke prijsstijging maar 10% minder transacties in regio Amsterdam

Fri, 03 Nov 2017 00:00:00 +0100

De Nederlandse woningmarkt zal in 2017 nieuwe records laten zien. De gemiddelde koopsom zal dit jaar met zo'n 7,5% stijgen naar ongeveer 262.000 euro. Het aantal woningtransacties staat na 9 maanden op een plus van 14%. Het jaarresultaat zou wel eens tussen de 235.000 en 240.000 stuks kunnen uitkomen, een absoluut historisch record. Het woningaanbod en de verkooptijden nemen zienderogen en kan wel eens een bedreiging vormen voor de woningmarkt in 2018. In dit bericht gaat Woningmarktcijfers.nl in op de regionale ontwikkelingen.

Koopsomstijging in alle regio's
Op de Wadden eilanden blijft de koopstijging beperkt tot een paar procent, anders ligt dat in Waterland, regio Amsterdam en Zaanstad waar prijsstijgingen van meer dan 15% worden gerealiseerd.

Grote verschillen bij woningtransacties
Amsterdam (-10%) en Zuid Kennemerland (-7%) zijn de enige twee regio’s waar sprake is van minder woningtransacties. In vier regio's (Venray, Wadden, Maasduinen en Noordwest-Overijssel) is een transactiestijging van meer dan 40% te zien.

Verkooptijden nemen overal af
Door een afnemend woningaanbod en stijging van de woningtransacties nemen de verkooptijden in alle regio's af. De regio Amsterdam heeft momenteel een theoretische verkooptijd (TVT= woningaanbod / door transacties 12 mnd) van minder dan 3 maanden. In Goeree Overflakkee en Oost Groningen bedraagt de TVT nog 16 maanden.




Stabiliserende tendensen op de (nieuwbouw)koopwoningmarkt

Thu, 02 Nov 2017 00:00:00 +0100

Het aantal verkochte woningen per kwartaal in Nederland lijkt op een stabiel niveau gekomen in 2017. Deze stabiliserende tendens is ook te zien op de hypothekenmarkt. Dit blijkt uit de Monitor Koopwoningmarkt over het derde kwartaal 2017.
De negentiende Monitor Koopwoningmarkt over het derde kwartaal van 2017 wordt donderdag 2 november 2017 gepresenteerd door het Expertisecentrum Woningwaarde van het OTB, onderdeel van de Faculteit Bouwkunde, Technische Universiteit Delft. RTLZ presenteert die dag de op de monitor gebaseerde RTLZ Huizenindex.

Afnemende groei in aantal verkochte woningen
Het aantal door de NVM geregistreerde verkopen in het derde kwartaal van 2017 (bijna 41.000 woningen) ligt volgens verwachting onder het niveau van het vorige kwartaal (-5%). Ten opzichte van het zelfde kwartaal van vorig jaar is er echter sprake van een zeer minimale stijging (+0,2%) van het aantal verkochte woningen. Het Kadaster registreerde bijna 61.400 transacties van woningen in dit derde kwartaal van 2017; een geringe stijging ten opzichte van zowel het vorige kwartaal (+5%) als hetzelfde kwartaal in 2016 (+1%). De cijfers over de eerste drie kwartalen van 2017 wijzen op een zekere stabilisatie in het aantal verkopen. Deze stabiliserende tendens is ook op de hypothekenmarkt waar te nemen; met name bij het aantal door HDN geregistreerde hypotheekaanvragen.

Koopprijsstijging houdt verder aan
De verminderde groei in het aantal transacties lijkt vooralsnog niet veroorzaakt te worden door een brede vraaguitval, want de koopprijsstijging houdt duidelijk aan. De mediane verkoopprijs van alle door NVM-makelaars verkochte woningen komt in het derde kwartaal van 2017 gemiddeld voor geheel Nederland 9,7% hoger uit dan een jaar geleden. De procentuele mutatie van de Prijsindex Bestaande Koopwoningen (PBK) van alle transacties (gepubliceerd door het Kadaster en het CBS), bedraagt over de afgelopen twaalf maanden 7,6%. De provincies NoordHolland, Utrecht en Zuid-Holland, en daarbinnen de grotere steden, kennen de grootste krapte op de koopwoningmarkt en lopen daardoor ook voorop in het herstel van de koopprijzen. De ontwikkeling van de PBK in Amsterdam en Utrecht toont nog geen afvlakking.

Potentiële instroom op de koopwoningmarkt onder druk
Door de aanhoudende sterke koopprijsstijging neemt vooral voor de potentiële instromers de betaalbaarheid van koopwoningen verder af; zeker in combinatie met de in de afgelopen jaren aangescherpte financieringsvoorwaarden. Dit zet, naast een te verwachten stijging van de hypotheekrente en een verminderd woningaanbod, het vertrouwen in de koopwoningmarkt voor deze groep woonconsumenten onder druk. Daardoor dreigt een gebrek aan instroom aan de ‘onderkant’ van de koopwoningmarkt te ontstaan.

Nieuwbouwmarkt koopwoningen stagneert
In het tweede kwartaal van 2017 (de meest actuele beschikbare gegevens) zijn er ruim 7.900 nieuwe koopwoningen verkocht; ofwel een daling van 2% ten opzichte van het voorliggende kwartaal en een flinke daling (-11%) in vergelijking met hetzelfde kwartaal in 2016. De laatste twee jaar is er al sprake van een stabilisatie of een dalende tendens in het aantal verkochte nieuwbouwkoopwoningen. Bovendien wordt de ‘pijplijn van te koop staande projecten’ steeds kleiner. De nieuwbouwproductie blijft nog steeds ver achter bij de uitbreidingsbehoefte van zo’n 15.000 koopwoningen per kwartaal. Hier liggen diverse oorzaken aan ten grondslag.




Kwart van de huurders heeft te weinig geld

Tue, 31 Oct 2017 00:00:00 +0100

Een kwart van de huurders van Wooncompagnie (Schagen) en Wonion (Oude IJsselstreek) heeft betaalrisico’s. Dat blijkt uit een onderzoek uitgevoerd door het Woonbond Kennis- en Adviescentrum (WKA).

Betaalbaarheid is voor alle huurdersorganisaties een belangrijk thema. Twee van hen vroegen het WKA onderzoek te doen naar armoede en schulden onder hun leden. Bij de huurders van Huurderskoepel Schagen en Omstreken bleek 23 procent betaalrisico’s te hebben. Dat betekent dat er aan het eind van de maand eigenlijk niet genoeg geld over is voor belangrijke uitgaven, bijvoorbeeld sporten. Ook heeft 19 procent van de huurders risicovolle schulden.

36 procent risicovolle schulden

Bij de huurders van Huurdersvereniging Wij Wonen (Wonion) had 24 procent betaalrisico’s en maar liefst 36 procent risicovolle schulden. Van belang bij schulden is het vroegtijdig signaleren van problemen. Daarbij kunnen gemeente, woningcorporatie en huurdersvereniging samenwerken, en bijvoorbeeld gebruikmaken van schuldhulpverlening voor financieel advies en begeleiding. Vooral bij gebeurtenissen als ontslag, scheiden of langdurige ziekte, en het krijgen van kinderen, bestaat de kans dat er financiële problemen ontstaan.

Energieverbruik omlaag

Hoge energielasten leiden ook vaak tot betaalrisico’s. Uit het onderzoek blijkt dat hoog energieverbruik los staat van het energielabel van de woning. Het wordt veel meer veroorzaakt door het gedrag van de huurder. Hier kunnen energiecoaches helpen om het energieverbruik omlaag te brengen.

Met de stijgende kosten voor zorgverzekering, energie en btw zullen betalingsproblemen bij huurders naar verwachting toenemen. Met de huursombenadering kunnen verhuurders de huurverhoging matigen of de huur verlagen bij risicogroepen. Dat zijn vooral gezinnen met kinderen, en mensen met alleen een AOW-uitkering.




Eigenaren vaker tevreden met woning dan huurders

Tue, 31 Oct 2017 00:00:00 +0100

Van alle huishoudens is 87 procent tevreden met de woning en 82 procent met de woonomgeving. Huishoudens in een koophuis zijn vaker tevreden met hun woning en woonomgeving dan huishoudens in een huurhuis. Dat meldt het CBS naar aanleiding van een recente analyse op basis van het Woononderzoek Nederland (WoON) over 2015.

Huishoudens in vier grote steden minder tevreden

Huishoudens in Amsterdam, Den Haag, Utrecht en Rotterdam waren in 2015 minder tevreden met hun woning en hun woonomgeving dan huishoudens in de overige gemeenten. In de vier grote steden wonen relatief meer huishoudens in een meergezinswoning (bijvoorbeeld een appartement, flat, portiekwoning etc.) dan in de rest van Nederland. Huishoudens in meergezinswoningen zijn minder tevreden met hun woning en woonomgeving dan huishoudens in een eengezinswoning.

Tevredenheid licht gedaald

Het aandeel huishoudens dat tevreden is met de woning en de woonomgeving is licht gedaald ten opzichte van 2009. In 2015 was 94 procent van de eigenwoningbezitters tevreden met de woning en 77 procent van de huurders. In 2009 was dat nog 96 respectievelijk 80 procent. Ook de tevredenheid met de woonomgeving was in 2015 wat lager dan in eerdere jaren. Deze ging van 88 procent in 2009 naar 86 procent in 2015 voor de eigenwoningbezitters en van 77 procent naar 75 procent voor de huurders.

Eigenaren met lage woonlasten het meest tevreden

Van de eigenwoningbezitters waren degenen met naar verhouding lage woonlasten iets vaker tevreden met de woning en de woonomgeving dan die met relatief hoge woonlasten. Het grootste verschil betrof de tevredenheid met de eigen woning: 95 procent van de eigenwoningbezitters met relatief lage woonlasten was tevreden, tegenover 92 procent van de eigenwoningbezitters met relatief hoge woonlasten. Bij de huurders was de relatie omgekeerd: huurders met relatief lage woonlasten waren juist minder tevreden met de woning en de woonomgeving dan huurders met relatief hoge woonlasten. Overigens zijn de verschillen naar relatieve woonlasten klein in vergelijking met het verschil tussen eigenaren en huurders.




Ollongren nieuwe 'minister' voor Wonen

Mon, 30 Oct 2017 00:00:00 +0100

In het nieuwe kabinet Rutte III wordt Kajsa Ollongren (D66) verantwoordelijk voor woonbeleid. Vandaag werd zij benoemd als minister voor Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Bouwen en wonen vallen onder haar verantwoordelijkheden.

Andere woongerelateerde taken in haar omvangrijke portefeuille zijn de huurcommissie, ruimtelijke ontwikkeling, de Omgevingswet, de Crisis- en Herstelwet en de Wet Ruimtelijke ordening.

Ervaren bestuurder

Voorafgaand aan haar ministerschap was Ollongren wethouder en loco-burgemeester van Amsterdam en werkte als hoge ambtenaar op het ministerie van Algemene Zaken. Daarvoor werkte zij jarenlang op het ministerie van Economische Zaken. De in 1967 geboren Ollongren staat bekend als een kundig bestuurder met goede dossierkennis. Als plaatsvervangend secretaris-generaal op het ministerie van Algemene Zaken was zij jarenlang de rechterhand van premier Rutte.

Kijken naar middeninkomens

In een interview met Het Parool laat Ollongren weten op het gebied van wonen in ieder geval naar de positie van middeninkomens te kijken. Terugblikkend op haar periode als wethouder in Amsterdam zegt ze: ‘Als minister ga ik ook over Wonen en ik heb hier gezien dat middeninkomens in de knel zitten, dat gezinnen de stad verlaten. Dat is niet goed.’ Ook laat ze weten dat het gemeentebestuur in de aanpak van vakantieverhuur soms last had van de landelijke politiek.

De Woonbond feliciteert mevrouw Ollongren met haar benoeming en kijkt uit naar een goede samenwerking.




Provincie Noord-Holland en Bouwend Nederland pakken samen knelpunten woningbouw aan

Thu, 26 Oct 2017 00:00:00 +0100

In de provincie Noord-Holland zijn realistische mogelijkheden om aan de woningvraag tot 2025 te voldoen. In principe zijn er voldoende bouwlocaties. Om de woningen daadwerkelijk te kunnen bouwen, moet bij een deel van de plannen eerst nog een aantal knelpunten worden opgelost. Dat blijkt uit een analyse van het Economisch Instituut voor de Bouw (EIB) op basis van 38 bouwplannen in de provincie Noord-Holland. De provincie Noord-Holland en Bouwend Nederland hebben dit onderzoek laten uitvoeren in het kader van hun Samenwerkingsagenda. Om de haalbaarheid van de plannen te toetsen zijn de financieel-economische en beleidsmatige risico’s van de plannen onderzocht. Het EIB concludeert dat 45 procent van de onderzochte plannen zonder veel vertraging of kans op uitval kan worden gerealiseerd. Aan 19 procent van de onderzochte plannen kleeft een financieel-economische belemmering. 12 procent van de onderzochte plannen heeft te maken met beleidsmatige knelpunten, waardoor er risico is op vertraging of uitval van die plannen. Bouwend Nederland en de provincie Noord-Holland willen kijken welke problemen kunnen worden opgelost om de totale bouwopgave van 102.000 woningen tot 2025 in Noord-Holland te halen. Gedeputeerde Wonen van de provincie Joke Geldhof: “Het is goed een gedeeld beeld te hebben van de knelpunten. Het aantal woningen dat wordt opgeleverd moet op stoom blijven om aan de vraag te kunnen voldoen. Met dit onderzoek in de hand kunnen we de gevonden knelpunten heel gericht aanpakken en ervoor zorgen dat er wél gebouwd kan worden. Wij gaan ons daarbij in eerste instantie richten op snel te realiseren grote projecten waar vertraging dreigt.“Voorzitter Maxime Verhagen van Bouwend Nederland is blij met de samenwerking met de provincie Noord Holland. “Dit onderzoek laat wederom zien dat de woningbouw moet worden versneld. Er worden nu te weinig en bovendien te dure woningen gebouwd. Het kan niet zo zijn dat de gewone man/vrouw geen eigen woning meer kan kopen.” Inzicht in risico’s en knelpunten Marktpartijen hebben een aantal projecten voor dit EIB-onderzoek aangedragen. De financieel-economische belemmeringen bij projecten zijn over het algemeen niet te herleiden tot één oorzaak, concludeert het EIB. Bij een verder aantrekkende markt zullen financieel economische knelpunten naar verwachting afnemen, maar de situatie zal blijven verschillen van regio tot regio en van project tot project. De grootste risico’s voor de onderzochte woningbouwprojecten worden veroorzaakt door milieueisen en ontbrekende infrastructuur. Ook zorgen stedenbouwkundige eisen of capaciteitsproblemen bij ontwikkelaars, toeleveranciers en gemeenten voor vertraging. Maatregelen Op basis van de uitkomsten van het onderzoek hebben de provincie en Bouwend Nederland afgesproken de belemmeringen bij projecten op te lossen. Beide partijen gaan projecten nauwer volgen, zodat sneller kan worden geholpen bij vertraging. Ook komt er meer aandacht voor de kwalitatieve vraag, waarbij wordt gekeken of de woningen die gebouwd kunnen worden voldoen aan de wensen van toekomstige bewoners. Ook in de toekomst zal er een grote behoefte zijn aan wonen in steden, maar daarnaast zullen er ook mensen zijn die in een groene omgeving willen wonen. Bouwend Nederland en de provincie zetten daarom in op regionale woningbouwprogrammeringen die aansluiten bij de behoefte.De provincie gaat regio’s nadrukkelijker wijzen op het belang van een actieve inbreng van de markt bij de programmering. De markt zorgt voor een passende vertegenwoordiging hierbij. De provincie wi[...]



Duurzame renovatie zonder veel getimmer en rommel in huis

Wed, 25 Oct 2017 00:00:00 +0100

‘We hebben geen tocht meer in huis en daardoor ook minder stof.’ Bewoner Cor van Duin (69) is ‘zeer tevreden’ met de renovatie van zijn woning van Dunavie. De woningcorporatie voerde een innovatieve renovatie uit in 180 vooroorlogse woningen in Katwijk. Daarbij is zoveel mogelijk met prefab-elementen gewerkt. Het energielabel verbeterde van F naar label A.

Vanwege de populariteit van deze woningen hebben we gekozen voor renovatie in plaats van voor sloop, zegt René Penning, manager Vastgoed van Dunavie. De woningen kregen allemaal een geheel nieuwe gevel aan de achterkant, een nieuw en goed geïsoleerd dak, nieuwe kozijnen en een nieuwe voordeur.

Ventilerende onderdorpel
‘Bij deze renovatie hebben we een aantal innovatieve producten toegepast’, vertelt Penning. ‘Zo hebben alle huizen nu een ventilerende onderdorpel. Dat lijkt een futiel iets, maar goede ventilatie is erg belangrijk bij het energiezuiniger maken van woningen. De ventilerende onderdorpel is prettig voor de bewoner, omdat er geen koudeval meer is. Hij werkt zelfregulerend en zorgt ervoor dat de woning altijd voldoende ventileert. Dat voorkomt vocht- en schimmelklachten.’

Verder is gekozen voor onderhoudsarme kozijnen. ‘Een duurzame vervanger van kunststof met een lange levensduur en een lage onderhoudsfrequentie‘, zegt Penning. ‘Dat zorgt voor een lagere afschrijving en mede daardoor kost de renovatie per woning slechts 55. 000 euro. Om de prijs laag te houden, werkten we verder zoveel mogelijk met prefab-elementen. Dat is ook prettig voor de bewoners: geen getimmer meer in de woningen, maar zoveel mogelijk fabricage van tevoren in de fabriek.’

Fotoboekje
‘Onze oude kozijnen gingen eruit en de nieuwe stonden buiten al kant-en-klaar te wachten. We hebben tijdens de renovatie nauwelijks rommel in huis gehad’, zegt Van Duin. ‘Het was allemaal netjes geregeld en ging efficiënt en snel. Van Dunavie hadden we een boekje gekregen met foto’s en namen van de mensen die bij ons over de vloer zouden komen. Zoals de opzichter van de corporatie, de uitvoerder en de hulpuitvoerder. De hele renovatie van ons huis was binnen een week klaar.’

Ook over het nieuwe energielabel is Van Duin tevreden: ‘Ons huis is nu perfect geïsoleerd. Ik denk dat we minder energiekosten zullen hebben. Tot nu hebben we de kachel in ieder geval nog niet aan gehad.’




Nieuwe records voor koopsom en woningtransacties in het derde kwartaal 2017

Mon, 23 Oct 2017 00:00:00 +0100

De gemiddelde koopprijs van bestaande woningen is in het derde kwartaal van 2017 uitgekomen op € 267.500, het allerhoogste niveau ooit. De koopsomstijging bedraagt 7,2% in vergelijking met het 3e kwartaal in 2016. De NVM mediane koopsom komt uit op € 264.000, terwijl de PBK index van het Kadaster en CBS in vergelijking hiermee uitkomt op € 242.400. Het aantal woningtransacties bereikt in het 3e kwartaal met 61.391 stuks eveneens een nieuw record, 1,1% meer dan in dit kwartaal vorig jaar. Dit blijkt uit onderzoek van Woningmarktcijfers.nl op basis van recente cijfers van het Kadaster.

Verschillen per provincie
De verschillen per provincie zijn groot. In Groningen is een woning in het afgelopen kwartaal gemiddeld € 150.000 goedkoper dan in Noord Holland. Verschillen zien we ook bij de prijsontwikkeling, De stijging in Zeeland, Drenthe en Groningen is met 2 a 3% matig, terwijl Noord Holland, Flevoland en Zuid Holland een koopsomstijging van ruim 9% laten zien.

Woningtransacties per provincie
Bij dit onderdeel kijken we naar de ontwikkeling over 9 maanden. Noord Holland en Utrecht vallen op een minimale stijging. Het afnemende woningaanbod mag hier als oorzaak worden gezien. Verschillende provincies laten een stijging zien van meer dan 20% met Flevoland als uitschieter.

2017, het jaar van nieuwe records
Onze verwachting is dat de gemiddelde koopsom in 2017 zich op het huidige niveau van € 262.000 zal handhaven. Het aantal transacties zou wel eens de 240.000 kunnen bereiken.