Subscribe: biekesblog
http://biekepurnelle.blogspot.com/feeds/posts/default
Added By: Feedage Forager Feedage Grade B rated
Language: Dutch
Tags:
als  die  doen  door  geen  hebben  hoe  hun  mannen  met  moeten  naar  uit  vrouwen  wanneer  wat  worden  zich 
Rate this Feed
Rate this feedRate this feedRate this feedRate this feedRate this feed
Rate this feed 1 starRate this feed 2 starRate this feed 3 starRate this feed 4 starRate this feed 5 star

Comments (0)

Feed Details and Statistics Feed Statistics
Preview: biekesblog

biekesblog



biekes ei en blahblah over maatschappij, opvoeding, onderwijs en het leven zoals het is in de dagelijkse strijd voor algemene harmonie en welzijn en tegen de dominantie van het economisch belang.



Updated: 2018-03-23T09:44:58.553+01:00

 



Ze willen niet

2018-03-23T09:44:58.585+01:00

Voor wie het gemist heeft: er diende zich de afgelopen week nog maar eens een genderrelletje aan. Geen zoveelste geval van seksueel grensoverschrijdend gedrag, maar het hete hangijzer van het “all male panel”, een oud zeer en een hardnekkige doorn in het kritische oog van menig feminist(e).Politika, de studentenorganisatie van de faculteit sociale en politieke wetenschappen aan de KUL, organiseerde een politiek debat over de macht van de overheid. In het panel bleken 6 mannen te zitten, van elke gevraagde partij een exemplaar. Hoe dat kwam? Van de 24 vrouwen die werden gevraagd was er geen enkele beschikbaar, aldus de organisator.Velen vonden dat verbijsterend. Ik niet zo heel erg. Ik heb die reactie al zo vaak gehoord dat ik ze kan uitspellen nog voor de vraag gesteld is.De conclusie moet dus zijn dat vrouwen niet willen debatteren of het niet zo belangrijk vinden om in een panel te zitten. Dat is allicht het makkelijkste antwoord.Dat vrouwen intussen zo’n halve eeuw politiek bedrijven in dit land, en dus wellicht even graag verkozen worden en een mandaat opnemen, maar niet te paaien zijn voor debatten en panelgesprekken allerhande, het doet vragen oproepen.Wanneer je mensen zoekt, van eender welke doelgroep, en er niet in slaagt ze te bereiken, dan moet je misschien je methodiek in vraag stellen. Wanneer sociaal werkers een kansen- of aandachtsgroep niet vlot bereiken, dan wordt er ingezet op ‘outreachend werken’, een werkwijze die een actieve benadering vraagt. Met andere woorden: meer moeite doen.Stel jezelf niet gerust met een simpel “tja, ze willen niet”. Vraag je af waarom niet. Analyseer de obstakels en bezwaren en doe er iets aan waar en wanneer mogelijk.Van de vrouwen die ik de afgelopen jaren bevroeg wat hen weerhield om deel te nemen aan een debat, vertelde een meerderheid me dat ze zich afvroegen of ze wel gekwalificeerd genoeg waren, of ze wel over voldoende expertise beschikten en iets relevants te vertellen hadden. Die onzekerheid is niet genetisch, maar gedijt in een onderwijs dat meisjes nog steeds wijsmaakt dat ze niet goed zijn in wiskunde, politiek, astronomie, voetbal of andere zogenaamd mannelijke interessevelden. Meisjes krijgen in het secundair onderwijs standaard te horen dat ze maar 3 km moeten lopen, terwijl de jongens 5 km als streefdoel krijgen. “Want meisjes kunnen minder lang lopen.”Een ander terugkerend bezwaar: de vaak bitsige sfeer in een debat, waarbij sprekers elkaar onderbreken of neerhalen en waarbij sommige sprekers hun proportionele spreektijd ruim overschrijden, zodat wie niet overassertief is nauwelijks aan bod komt. Moderatoren laten meestal begaan, of grijpen slechts in wanneer het de spuigaten uitloopt. Assertiviteit wordt beloond, in die mate dat de grens met aggressie amper nog te onderscheiden valt. Meisjes krijgen dat soort assertiviteit niet standaard aangeleerd. Het wordt hen zelfs subtiel ontraden.Een derde obstakel: het leven van academici, politici, experten allerhande met een gezin is een moeizame puzzel van tijd en aandacht. Wie kinderen heeft wil die na de drukke dagjob graag zien, voeden en opvoeden. Gezien de ongelijke verdeling van zorg en huishouden in dit land mag het geen wonder heten dat vrouwen met een veeleisende job die strak afbakenen. Anders krijgen ze het gewoon niet rond.Voor al die obstakels en drempels bestaan er – mits wat goede wil – haalbare oplossingen.Overtuig de spreker die je wilt van haar kunnen. Benadruk dat je haar wilt, niet omdat ze een vrouw is, maar omdat je haar expertise en stijl apprecieert en waardevol vindt. Ik heb het uitgetest en het helpt echt.Wat de spreektijd betreft: modereer, maar dan echt. Monitor de spreektijd van alle sprekers en zorg dat iedereen even uitgebreid aan bod komt. Wijs onderbrekers en aggressoren terecht. Dat is perfect mogelijk en het komt de sfeer en de inhoud van het debat ten goede.Tot slot: waarom zou je als organisator van een debat niet kunnen nadenken over kinderopvang ter plaatse? Zelf werd ik ooit gevraagd voor een panelgesprek op een moeilijk moment, en de[...]



Kamperen voor kennisfabriekjes

2018-02-27T13:07:53.702+01:00

Ze waren een paar jaar uit het nieuws, maar zijn terug van weggeweest: ouders die kamperen voor de schoolpoort om hun kind in te schrijven. Ik vond het er altijd al vrij bespottelijk uitzien: de rijen vastberaden vaders en moeders, met hun keurig opgestelde klapstoeltjes en thermossen vol koffie en soep, sommigen nu en dan afgelost door een opa of oma met meer tijd, soms zelfs door een betaalde student, kwestie van de duur betaalde plek in de rij niet te laten schieten voor een vergadering of een doktersafspraak.Alsof er geen scholen genoeg zijn. Alsof de wiskunde en het Nederlands op school A zo fundamenteel anders worden overgebracht dan op school B.Scholen hebben reputaties, soms min of meer terecht, vaak uitvergroot tot onwerkelijke proporties. De mythe dat school A meer slaagkans biedt aan de universiteit dan school B maakt van ouders niets ontziende pitbulls. In gedachten tel ik de scholen waar ik de ontluikende bloem der natie mocht onderwijzen in de taalkunde. Ik tel er negen, over een periode van zo’n slordige tien jaar tijd.Er waren landelijke colleges vol gedweeë witte tieners; er waren stedelijke athenea in verval, waar 70 % aanwezige leerlingen een ongezien succes heette; er waren onoverzichtelijk grote scholen, en scholen waar je iedereen kende na een dag of vijf; er waren katholieke en gemeenschapsscholen.Als invaller van dienst had ik niet te kiezen met welk materiaal ik aan de slag ging. Handboeken en methodieken werden mij zonder overleg overhandigd en bleken nauwelijks te verschillen. Grammatica en woordenschat, begrijpend lezen en opstellen, er was nauwelijks onderscheid tussen Beveren en Gent, tussen Wevelgem en Zoutleeuw, tussen het college en het atheneum, tussen wit en divers, tussen landelijk en stedelijk. Werkwoorden werden overal op dezelfde manier vervoegd en ik vermoed dat de stelling van Pythagoras ook in elk klaslokaal dezelfde was. Wanneer je als leerkracht een verschil kon maken, dan was dat vooral door te luisteren en ernstig te nemen, door jonge mensen als volwaardig te zien, in welke richting en met welke schoolresultaten dan ook. Wanneer het verkeerd liep, dan voelde het als falen en bleef de onmacht naspoken.Ik zag gedreven en uitgebluste leerkrachten, directies met en zonder visie, helicopterouders en onverschillige ouders. Wat ik nooit zag was oprechte democratie en participatie. Wanneer leerlingen zelf mochten kiezen, ging het hooguit over het thema van een projectweek, of de bestemming van een klasuitstap. Eveneens schaars: differentiatie. Wat je motivatie, niveau of interesse ook was: de leerplannen waren heilig. Pech voor wie zich verveelde of niet meekon. Totaal afwezig: ruimte voor psychosociaal welzijn, creativiteit, burgerschap en de nood aan spel. Negen verschillende scholen, negen kennisfabriekjes. Waarom kamperen voor eenheidsworst?Jaren later moest ik zelf een kind inschrijven. Dat het geen witte uniformschool zou worden, dat stond vast. In het charmant krakkemikkige buurtschooltje bleek er welgeteld 1 autochtoon Vlaams kindje te zitten. Maar het was een klein, zorgzaam en liefdevol schooltje. Dat volstond ruimchoots voor ons. Lezen, rekenen en schrijven kan je overal leren. Graag gezien worden voor wie je bent en worden wilt, dat had ik niet zo gek veel gezien in mijn onderwijsloopbaan.Ondanks de zorgen en de liefde bleek mijn kind niet te gedijen op school. Hij paste niet in de mal, zoals dat ene, wat geblutste blokje dat je niet in de vormendoos krijgt. Hij verstopte zich onder een tafeltje. Hij speelde niet met de andere kinderen en sprak weinig of niet. Hij fladderde en stuiterde wanneer de anderen in een kringetje zaten. Observatie bracht weinig inzicht. Hij was tenslotte nog een kleuter. Of we hem niet zouden laten testen. Ik twijfelde. Een etiket zou van mijn kind geen ander kind maken. Dat de wachtlijst 18 maanden bedroeg hielp ook niet echt. En wat moesten we na anderhalf jaar met een diagnose? ‘s Nachts werd ik zwetend en in paniek wakker, met visioenen van een diep ongelukkig, gepest kind; de herinneringen [...]



Winterslaap

2018-02-02T11:19:27.893+01:00

Op 21 december keert de zon zich het langst af van de aarde. Die zonneschaarste doet ons gulzig naar licht grijpen: geestdriftig flikkerende kerstbomen,  vreugdevuren en lichtkransen, het feest van de heilige Lucia, belichaamd door ontluikende meisjes met kronen vol kaarsen; alsof het volhardende gebrek aan licht ons dwingt onszelf te overtuigen dat het licht altijd terugkeert.De winter en ik, wij waren nooit een gelukkig paar. Elk jaar verzucht ik dat ik een egel zou willen zijn, om de kille en grauwe tijd van november tot april in een winterslaap door te brengen. Winterslapers bevinden zich in een toestand tussen slaap en waken in. Hun hersenen liggen vaak helemaal stil. Mensen zijn geen winterslapers. In plaats van in sluimerstand te gaan, breken ze een extra infuus bedrijvigheid aan. Er worden kerstbomen, geschenken en kalkoenen aangeschaft, glühwein geslurpt en recepties gepland. De egel in mij ondergaat het gelaten, dromend van blote benen en de zon op haar neus.Toch laat ik me gewillig vangen door de oogverblindende optische illusie van het einde van een jaar en het begin van een maagdelijk nieuw exemplaar. Zelfs zomermensen hebben rituelen nodig. We kunnen het niet laten: terugblikken op wat we achterlaten, vooruitkijken naar wat ons te wachten staat en wat we stellig anders en beter zullen doen.Het heeft iets aandoenlijks, hoe we er elk jaar bereidwillig en met open ogen in lopen, vol valse verwachting en hernieuwde hoop.  Onszelf overtuigend dat we alles wat het afgelopen jaar naliet ons te schenken, dit jaar wel zullen krijgen, in zijdepapier gewikkeld en met een reusachtige gouden strik eromheen. Alsof de tijd ons belonen zal voor ons geduld. Tijd is onze dierbaarste vriend en onze meest gehate vijand. Hij ontbreekt wanneer we hem nodig hebben en hijgt genadeloos in onze nek wanneer we niet om zijn gezelschap verlegen zitten. Bovenal biedt hij structuur aan onze ongeordende levens. Alsof we langs een zorgvuldig uitgestippeld pad wandelen, waar elke verwarrende omleiding ons weer op de juiste weg brengt. Terugblikken wordt zo al snel ‘hineininterpretierung’, alsof de logica die ontbrak in de feiten pas zichtbaar wordt wanneer alles achter de rug is. Terwijl ik de sluimerende egel in mij sus, zoek ik naar logica en licht in het leeglopende jaar, een jaar dat op het eerste zicht weinig verschilde van de voorgaande, met evenveel rampspoed en onheil, evenveel waarlijk verbijsterende verdwazing en slechte wil in de hoogste regionen, evenveel gelaten berusting.  En toch. Zoals we licht nodig hebben, hebben we hoop nodig. Die valt wat lastiger te vinden, verschuilt zich achter veel misleidende lelijkheid. We zouden gebaat zijn met eindejaarslijstjes van hoopgevende feiten en fenomenen. Niet de boeken die we hadden moeten lezen, de film- en theatervoorstellingen die we hadden moeten zien en de muziek die we hadden moeten beluisteren, maar de weinig zichtbare bronnen van beterschap die we over het hoofd hebben gezien.Uitgerekend in een jaar vol verkiezingskoorts, waarin het giftige taal en valse beloftes zal regenen, laat de hoop zich makkelijk vloeren. Zelf ben ik van plan een reserve aan te leggen, zoals winterslapers nootjes en eikels verstoppen in hun hol. Wanneer de toekomst troosteloos lijkt, zal ik een compacte, maar doeltreffende dosis hoop tot mij nemen. Wanneer de aangekondigde harde woorden vallen, zal ik bedenken dat conflict een voorbode is van verschuiving, dat weerstand altijd verandering inluidt, dat zure appels een zoete nasmaak achterlaten, en dat het licht echt altijd terugkomt.[...]



Shithole

2018-02-02T11:18:24.553+01:00

Ik hoef u niet te vertellen dat het verwarrende tijden zijn. Aan de overkant van de oceaan waakt een kleuter met Tourette en het brein van een pantoffeldier over de toestand van de wereld. Hoe groter de wereld in ons hoofd, hoe minder we ervan snappen. Zelfs de kleuter, met een half leger aan adviseurs en ander voetvolk tot zijn beschikking, lijkt er niets van te snappen. “Waarom al die mensen uit “shitholes” als Haïti en El Salvador in vredesnaam naar hier komen”, vroeg hij zich af. Welja, waarom eigenlijk? Niet dat het antwoord hem interesseert. De kleuter wil niet meer Haïtianen. Hij wil meer Noren. Maar de Noren blijven thuis, de snoodaards.In eigen land bakkeleit onze regering, of wat daarvan overblijft, over mensen die hun ‘shithole’ verlaten om in een veilig en welvarend land opnieuw te beginnen. Wat grappig lijkt op een ander is dat niet per se ook dicht bij huis. Onze eigen kleuterklas ziet zich verwikkeld in een aanslepend schandaal over 9 teruggestuurde Soedanezen, die bij thuiskomst zouden zijn gefolterd, een ongelukje dat even voorspelbaar was als de jaarlijkse komst van Sinterklaas. Zowat iedereen, op de vrolijke vrienden van het VB na, struikelde over z’n voeten om te benadrukken dat mensenrechten cruciaal zijn. Het zal best. Alleen wat sneu dat men daar doorgaans in stilte “zolang ze ver van hier worden uitgeoefend” aan toevoegt.Die arme staatssecrearis voor asiel en migratie onderging het kruisverhoor gelaten, met de berustende blik van de martelaar. Extreem-rechts vindt zijn beleid te soft. Links dan weer te hard. Je kan nooit voor iedereen goed doen.Terwijl hij dapper “de puinhopen van jaren links beleid” opkuiste stonden ex-partijgenoten en coalitiepartners recht om te beweren dat hij eigenlijk softer is dan al zijn voorgangers. Twitter is de Wetstraat niet, naar het schijnt. Theo zou dus niet de hardvochtige keizer zijn die de poco’s ons voorhouden, maar best een jofele chiroleider.De argeloze toeschouwer die hoopte wijzer te worden over de kwestie bleef ook na Villa Politica en Terzake blind in het duister tasten. De boude bewering dat deze regering een humaner asielbeleid voert dan de voorgaande viel als een baksteen op de maag van de meerwaardezoeker. Theo had meer mensen uit hun ‘shitholes’ naar binnen gelaten dan Maggie, Melchior en Annemie. Ik vestigde alle hoop op Kathleen Cools. Iemand moest de Gordiaanse knoop ontwarren. Iemand zou ons vertellen dat humanitaire visa en humanitaire regularisering twee verschillende dingen zijn, die je best niet met elkaar vergelijkt (een weetje waarvan je hoopt dat een voormalig minister-president als Dewael het heeft opgeslagen). Iemand zou het grote aantal Syriërs in de cijfers duiden binnen de context van een van de bloedigste oorlogen uit onze hedendaagse geschiedenis. Iemand zou zeggen dat er geluld werd. Helaas.Intussen deelde de staatssecretaris droogjes mee dat hij niet van plan is de uitwijzing van gezinnen met kinderen uit te stellen tot hun schooltijd erop zit. Zelfs het einde van het schooljaar afwachten zit er niet in. De Soedanezen in gesloten centra komen vrij, nu uitwijzing naar Soedan is opgeschort. Wanneer ze het centrum verlaten betreden ze het niemandsland van de wetteloosheid. Ze willen en mogen hier niet zijn, maar kunnen niet terug. Ze mogen niet werken, maar hebben geen recht op een uitkering. Brussel zal voor hen een uitzichtloos ‘shithole’ zijn.[...]



Ruis

2018-02-02T11:21:47.263+01:00

Wie hoopte dat de #metoo-golf rustig zou gaan liggen maakt best de borst nat. Her en der roepen respectabele dames op leeftijd als Cathérine Deneuve en Chris Lomme hun veelal jongere seksegenoten tot de orde. Die laatsten moeten niet zo hysterisch doen. Bovendien lokken ze het overschrijdend gedrag waarover ze klagen zelf uit door “met hun tieten bloot te lopen”. “Op voorhand zeggen 'mannen zijn vervelend' is geen houding. We moeten niet plots gaan oppassen hoe we ons moeten gedragen.” stelde Chris Lomme. Verder moeten jonge vrouwen zich van Chris wat keuriger kleden. Wie halfnaakt rondloopt lokt overschrijdend gedrag uit. Laat ik nu denken dat we vooral wél moeten nadenken over hoe we ons gedragen. Als er iets blijkt uit de onstuitbare stroom verhalen, dan wel dat heel wat mannen zich niet gedragen, dat het prettig zou zijn als aan dat vervelende gedrag een einde kwam . Opmerkelijk met welke wendbaarheid mevrouw Lomme simultaan weet te stellen dat we mannen niet moeten zeggen hoe ze zich moeten gedragen, maar vrouwen we voorschrijven wat ze mogen dragen; dat we niet puriteins moeten doen, maar wel moeten opletten dat we ons niet te suggestief kleden. Vertwijfelend.Was ik een man, ik zou me flink beledigd voelen door zoveel wantrouwen. De suggestie dat mannen zich niet weten te beheersen wanneer ze een tiet of een dij spotten herleidt mannen tot hersenloze roofdieren. “Er dreigt een soort van mannenhaat te ontstaan”, waarschuwen Deneuve en co in een open brief. Ze vrezen een golf van puritanisme, waar flirten onmogelijk wordt.Blijkbaar maken sommige mensen zich meer zorgen over het zelfbeeld van mannen die hun handen niet kunnen thuis houden, dan over het lot van de vrouwen die hun gedrag ondergaan. Moeten we trouwens echt doen alsof we het niet het verschil kennen tussen verleidende blikken of woorden en brutaal machtsvertoon?Ik hoorde trouwens niemand beweren dat alle mannen vervelend zijn, ook niet de vrouwen die getuigden over ongewenst seksueel gedrag. Vanwaar die urgente nood om na elk verhaal “niet alle mannen” te roepen? Wat willen ze eigenlijk, de mannen die zich gedragen? Een lolly? Een sticker? Natuurlijk zijn niet alle mannen hufters. Dat we het daar überhaupt over hebben. Waar we het over moeten hebben is dat bijna alle vrouwen lastiggevallen worden, dat hun levens worden beïnvloed door de mannen die zich wél hufterig gedragen. De rest is ruis.Die arme mannen durven dus niet meer flirten. Wij, vileine vrouwmensen, dwingen hen hun natuurlijke verlangens te onderdrukken, de stakkers. Het is volstrekt anekdotisch, maar 3 dagen geleden vond ik een aantal weinig aan de verbeelding overlatende berichten in m’n messagebox. Op een statistisch relevanter schaal: negen op tien vrouwen in Brussel wordt geconfronteerd met een vorm van seksuele intimidatie, blijkt uit een studie van de Universiteit Gent.Het lijkt vooralsnog wel mee te vallen met die panische en verlammende angst van de bedreigde man.[...]



Als Ploetervaders staken

2018-02-02T11:16:15.948+01:00

In Duitsland wordt gestaakt. Hier bij ons doet een staking meer of minder geen wenkbrouw fronsen. De Duitsers daarentegen zijn niet zulke enthousiaste stakers. Wat opviel was dat de stakers in kwestie vooral minder willen werken. ‘Te weinig arbeidskrachten’, luidt het bij het management.  ‘De job is onaantrekkelijk door de belabberde werk-privébalans’, zeggen de werknemers. Zelf vind ik het een hoopgevende primeur dat werknemers in een sector vol mannen zich druk maken over het combineren van hun job met de zorg voor een gezin. Eindelijk mannen die toegeven dat ze tijd willen om bij hun kinderen te zijn.Vrouwenorganisaties als Femma en Furia pleiten al jaren voor een dertigurenweek. Doorgaans worden dat soort ideeën honend weggezet als volstrekt utopisch en te naïef om ernstig te nemen. Die gekke vrouwtjes toch.Een tijdje geleden ontmoette ik de Zweedse schepen Daniel Bernmar, adjunct-burgemeester van Göteborg en motor achter een paar lokale experimenten met de zesurige werkdag in een woonzorgcentrum en een kinderdagverblijf. Trots illustreerde hij de resultaten. Blije en gemotiveerde werknemers, minder ziekteverzuim, betere dienstverlening. De enige keerzijde was de factuur. Hij deed daar niet flauw over: het kost wat, dat minder werken. Al moet ook dat gerelativeerd. Jobs kosten geld, maar werkloosheids- en ziekteuitkeringen en kinderopvang ook. Hoe bereken je de winst van kwalitatievere dienstverlening? Wat is de tastbare opbrengst van een bejaarde die niet om 19u naar bed moet en elke dag even kan wandelen omdat er mensen zijn die tijd hebben? Wat hebben we als samenleving aan een baby die geknuffeld en getroost wordt, in plaats van eenzaam in een spijlenbed z’n longen uit z’n lijf te huilen.Tijdens het gesprek vertelde ik hem dat mannen in België tien dagen geboorteverlof krijgen. Daniel staarde ons verbijsterd aan. “Waanzinnig!” brieste hij, zodra hij van de eerste schok was bekomen. “Ik was 9 maanden thuis bij elke baby. Hoe bouw je anders een band op met je kind?” Hij zei niet dat hij ons maar een stelletje idioten vond, met die ridicule en mensonwaardige 10 dagen voor papa en 3 maanden voor mama, maar hij leek het wel te denken. Ik overwoog even om hem ten huwelijk te vragen, maar zijn gekke hipstersnorretje bracht me bijtijds bij zinnen. Dat je schepen kan zijn van een grote stad en probleemloos 9 maanden weg zijn van de werkvloer, dat sprookje kreeg ik niet meer uit m’n hoofd. Intussen blijven wij gewoon verder ploeteren, altijd net te laat aan de schoolpoort, altijd gehaast, te druk bezig om te horen wat de jongste kwijt wil over de voetbalmatch of waarom de oudste een sanctie kreeg op school. Blij toe dat ik Daniel niet probeerde te strikken. De arme man zou wegkwijnen van ontbering en verwaarlozing, schromelijk over het hoofd gezien door zijn geliefde die opgeëist word door werk, pendelen en de zorg voor twee opgroeiende kinderen.  Nee, Daniel zit daar prima in Göteborg, de bofkont.[...]



Knikkende knieën

2018-02-02T11:09:31.450+01:00

 Door genetische en andere omstandigheden kamp ik met een sputterende ruggengraat. Het ding wil niet mee in mijn dadendrang. Ik vind mezelf veel te jong voor kreupel gesukkel en spendeer dus een klein fortuin aan onderzoeken en behandelingen allerhande. Een deel daarvan betaalt de samenleving: u dus. Waarvoor welgemeende dank. Van liggen en kruipen wordt een mens chagrijnig, dus u hebt daar zelf goddank ook iets aan als u me tegenkomt. De obligate nieuwjaarswens “en een goede gezondheid” kreeg extra betekenis in de context van die weerspannige rug. “De enig bekende relatie tussen gezondheid en zorgkosten, is dat hoe welvarender we worden, hoe langer we leven, hoe duurder we worden.” stelde epidemioloog Luc Bonneux het afgelopen week-end in deze krant.Daar sta je dan met je heilige Welvaart. Blijkt al dat welvaren gewoon de staatskas te plunderen. Wie had dat gedacht?“Roken bespaart bijvoorbeeld veel zorgkosten. Begraven is goedkoper dan verzorgen.” wist Bonneux nog te vertellen. Daar had vast nog niemand aan gedacht. Hoe sneller we doodvallen, hoe minder we de samenleving kosten. Het is een gedachte die we liever niet luidop uitspreken. Voor je het weet breng je iemand op nare ideeën.Aan nare ideeën immers geen gebrek. Zo kwam N-VA-kamerlid Yoleen Van Camp met een voorstel om het aantal knieprothesen terug te schroeven. Mevrouw Van Camp vindt het onnodig dat mensen van hoge leeftijd, met weinig zelfredzaamheid of met dementie nog knieprothesen krijgen. Weet u eigenlijk wel wat dat kost, al die valse knieën? Ik wist het niet. 200 miljoen per jaar, zo blijkt. Zelfs in het licht der grotere dingen, zoals het gat in de begroting van zo’n slordige 4 miljard, is dat niet niks. Zouden er mensen zijn die hun eigen bestaan en dat van hun geliefden berekenen en begroten? “Die nieuwe heup, is dat nog wel de moeite, liefje? ” “Een nieuwe bril met sterkere glazen, om de krant te lezen en het kruiswoordraadsel in te vullen? Beetje decadent he, papa?”Doodgaan doen we sowieso. Hoe we afscheid nemen is mischien enige reflectie waard. Levenskwaliteit, wat mag dat kosten? En wie bepaalt wat kwaliteit mag heten? Hulpeloos liggen wachten tot iemand zich 5 minuten met je bezighoudt kom wellicht niet in aanmerking voor het label ‘kwalitatief’.Hoe ouder we worden, hoe lastiger men ons vindt. Aan het eind van ons leven zijn wij enkel nog een kostenpost, een optelling van pensioenen, prothesen, ingrepen en zorgfacturen. De luiers, boterhammen en hulpstukken worden minutieus geteld. Het aantal minuten aandacht waarop we recht hebben evenzeer. De loonkost, weet u wel.De eindbalans van een leven, hoe harmonieus ook geleefd, raakt zelden in evenwicht als we het rekenen aan boekhouders overlaten. [...]



Bikiniproof

2017-06-21T16:05:31.914+02:00

Door omstandigheden die er verder niet toe doen, bevond ik me gisteravond temidden van een hoogoplopende discussie over boerka’s en vrouwenrechten. Zoals dat gaat met dat soort dicussies, week geen van beide partijen een millimeter van het eigen gebetonneerde standpunt. Dat het te warm was voor heftige debatten, wilde ik opperen, maar ik zweeg en liet mezelf zuchtend nog een glas wijn inschenken.Ik liet mijn gedachten afdwalen naar de reis die de zonen en ik in het verschiet hebben. In mijn verhitte hoofd stelde ik lijstjes op van wat er in te pakken valt, en wat er nog dient aangeschaft. Dat bleek heel wat te zijn, vermits ik zelden of nooit op reis ga, en dus bedroevend slecht uitgerust ben voor de onderneming. Zo stelde ik vast dat ik niet in het bezit was van een bikini, nochtans een onmisbaar item voor de moderne zomervrouw, als ik de talloze “Hoe word je in no time bikiniproof”-berichten in mijn mailbox en op facebook mag geloven. Ik had geen idee of ik al dan niet bikiniproof was, maar voegde het item vastberaden toe aan mijn virtuele aankooplijst.Ik herinner me een beeldig, maar hoogst onpraktisch gehaakt rood setje, waarvan het bovenstuk steevast naar boven en het broekje loodrecht naar beneden gleed wanneer je uit het water kwam. Ik moet een jaar of twaalf geweest zijn. Iets in mijn ontluikende inzicht besefte toen al dat bikini’s onheil meebrengen. En dat je beter niet met gehaakt tricot in het water springt.Desalniettemin en alle bedenkelijke ervaringen ten spijt trok ik naar de dichtstbijzijnde winkel die eruitzag alsof een vrouw met een reisplan zich er een bikini kon aanschaffen. Twijfelend liep ik de rijen felgekleurde broekjes en topjes af. Was het werkelijk de bedoeling dat zo’n broekje hooguit 2 halve schaamlippen en 2 halve billen kon ontvangen? Waar bleef je dan met de rest? Waarom gingen bikini-ontwerpers er eensgezind van uit dat alle vrouwen vurig naar een paar extra cupmaten verlangen? Wat deden die onnozele gouden franjes tussen die twee zwarte driehoekjes? Deze en andere existentiële vragen vroegen spontaan om mijn aandacht en om heldere antwoorden.In het pashok, nauwelijks groter dan mijn koelkast, wurmde ik mezelf in de ene bikini na de andere. Bij het vijfde setje vroeg ik me vertwijfeld af of de maat wel klopte, gezien de hoeveelheid huid en weefsel die in geen van de geselecteerde broekjes bleek te passen. “Dat is gewoon zo. Dat is mode.”, orakelde de kekke verkoopster op licht spottende toon, een dienstmededeling die mij bovenmatig irriteerde. Ik duwde de veelkleurige bundel bikini’s verontschuldigend in de keurig gemanicuurde handen van de verkoopster en verliet het pand zonder aankoop. Een boerka leek me plots een verstandiger en comfortabeler investering. [...]



Scharreltijd

2017-06-10T17:54:05.271+02:00

[...]



Ronde zonder finish: brief aan mijn broer

2017-04-04T16:33:17.181+02:00

[...]



Hygge

2017-01-02T16:08:18.052+01:00

[...]



Boekenbeurs

2016-10-28T16:27:56.671+02:00

Beste uitgever, U en ik, wij hebben iets gemeen. De liefde voor boeken. Ik hoop in ieder geval dat u voor het beroep van uitgever hebt gekozen omdat u van boeken houdt. Dat ik van boeken houd is niets bijzonders. Volgens de Stichting Lezen lezen vrouwen namelijk opmerkelijk meer dan mannen. Wist u dat? Als u uw werk ernstig neemt weet u zulke dingen. Toen ik nog op school zat kwam mijn moeder de lampen in mijn slaapkamer uitdraaien om te vermijden dat ik de hele nacht lag te lezen. Niet dat het hielp. Ooit ben ik nipt aan de verbrandingsdood ontsnapt omdat de bureaulamp, die mijn stiekeme nachtelijke leessessies moest belichten, omver viel op de gevaarlijk brandbare synthetische bedsprei. Het lijkt me dan ook dat ik de uitgelezen Boekenbeursbezoeker ben. Blijkbaar bent u daar niet van overtuigd en meent u dat een extra inspanning moet doen om vrouwen naar een boeken-evenement te lokken. Een Ladies Night bijvoorbeeld. Ik ga even niet in op de waarlijk spitsvondige en elegante benaming van het gebeuren. Wel ga ik graag even in op de retorische vraag of er zoiets nodig is als een boekenbeurs-avond voor vrouwen. Ik zei het al: Vrouwen lezen meer dan mannen. Bovendien beslaan vrouwen zowat de helft van de bevolking. Wij zijn het dus die uw business doen draaien en uw eindejaarspremie op tafel leggen. Wat of wie heeft u doen geloven dat wij niet naar uw heugelijke boeken-event zouden komen tenzij u ons daar expliciet voor uitnodigt? Vanwaar de veronderstelling dat vrouwen nood hebben aan een aparte avond voor vrouwen op de boekenbeurs? Welke boodschap wil u daarmee precies kwijt? Die boodschap, daarover kwam ik meer te weten toen ik even door het programma struinde en daar het volgende vond: “Ladies Night - Alles wat je wilt weten over poetsen, wassen en strijken”. Heel even meende ik dat u een grapje maakte. Ironie, weet u wel. Vrouwen kennen dat. Maar vrij snel bleek dat u het meende. Als ik het goed begrijp (ik ben natuurlijk maar een vrouw), dan bent u dus van mening dat 1. vrouwen dol zijn op schoonmaken 2. schoonmaken een vrouwenzaak is. Ik ken u niet, dus ik vraag het maar even: kent u eigenlijk veel vrouwen die dol zijn op schoonmaken? Ik namelijk niet. Schoonmaken doen mensen uit noodzaak. Omdat iemand het moet doen. Uit hygiënische overwegingen. Al zijn er wellicht uitzonderingen die er ook plezier aan beleven. Dat mag. Schoonmaken is dus zoiets als het gras maaien, de was doen, een nieuwe lamp indraaien, je bureau opruimen, met de auto naar de keuring gaan. Niet iets om al te lang en te ernstig over na te denken, laat staan om een cultus rond te bouwen. Bovenal niet iets om toe te wijzen aan de helft van de bevolking. Ik weet het, tot ergens in de jaren vijftig was het heel normaal dat vrouwen aan de haard bleven en die haard en de directe omgeving van die haard netjes hielden. Maar die jaren vijftig zijn intussen al meer dan zestig jaar voorbij. Het kan zijn dat u met enige nostalgie terugblikt op die fijne tijd, maar de meeste vrouwen danken de hemel dagelijks op hun blote knieën dat hij voorbij is. Het kan zijn dat het u ontgaan is, maar de meeste vrouwen hebben tegenwoordig jobs. Ze studeren, ze worden verpleegster, ingenieur, arts, ontwerper, journalist, schrijver en zelfs uitgever. Helaas moeten ze daarvoor al eens beroep doen op andere, veelal minder bedeelde vrouwen, die hun huizen schoonmaken voor een habbekrats. Maar over die perversie hebben we het wel een andere keer. De meeste vrouwen kijken dan ook reikhalzend uit naar dat schijnbaar utopische moment in de toekomst waarop huishoudelijke taken fair verdeeld blijken te zijn. De knop van een wasmachine een slag of twee naar rechts draaien, een stofdoek over de kast halen, de knop van een stofzuiger indrukk[...]



Tienerverdriet

2016-09-14T08:57:46.731+02:00

[...]



Fantoompijn

2016-07-17T13:15:40.652+02:00

Ik raas als een tornado door het huis, mijn armen vol slaapzakken, gummi laarzen en andere onmisbare kampparafernalia. Het grootste deel van wat ik inpak zal wellicht onaangeroerd huiswaarts keren. De zonen zijn hemeltergend contraproductief. Wat ik inpak wordt weer uit de rugzak gehaald, gescreend, meestal afgekeurd en vervangen door iets anders, wat ik dan weer ongeschikt vind voor 5 dagen op het woeste platteland. Gloednieuwe, spierwitte sneakers bijvoorbeeld. Of een flanellen piama in juli. En waarom mag er geen snoep mee? En waarom krijgt F een leukere slaapzak dan ik?Ik foeter en sakker en sjees heen en weer, alsof we gehaast zijn. We zijn niet gehaast. Maar als ik ga neerzitten moet ik noodgedwongen stilstaan bij het feit dat ze er straks 5 dagen niet zijn. De rust en de stilte waar ik nu dagelijks om smeek valt vanavond als dikke mist over het huis en zijn eenzaam achtergebleven bewoner.Geen gekibbel over wie al hoe lang aan de computer zit. Geen gekrijs over verdwenen Lego-ninja’s. Geen lange gezichten en eindeloos gepriegel aan tafel. Geen hoopjes rommel en vuile was alom. Geen ostentatief landerig gehang.De krant ononderbroken kunnen uitlezen. ‘s Avonds ongepland het huis kunnen verlaten, terwijl de stad feest.  Die vurig gewenste vrijheid zal dubbelzinnig blijken.Kinderen zijn er altijd, ook als ze weg zijn. Wanneer ze niet gillend, gierend of ravottend om je heen dartelen, dan spelen ze op in je hoofd en je hart, waar ze onrust en een zeurend ontbreken achterlieten. Fantoompijn.[...]



Wormen

2016-04-23T12:09:18.246+02:00

[...]



Liefje

2018-02-02T11:49:19.230+01:00

Het kind heeft een liefje. 

Toen hij onmiddellijk en met buitensporige urgentie een skype-account moest aanmaken op de bejaarde iPad, ging er een schemerlichtje branden in mijn moederhoofd. Sindsdien wordt er gechat, met bijhorend gebliep, tot ik er zenuwziek van word en hem vriendelijk, maar kordaat verzoek de rest van de levensnoodzakelijke communicatie te bewaren voor op school, waar ze desgewenst de hele dag tegen elkaar kunnen kletsen.

Ik vraag niets en onthou me wijselijk van commentaar, om te vermijden dat ik de verkeerde dingen zeg. Dat hij te jong en te argeloos is voor de riskante en nietsontziende expeditie der liefde bijvoorbeeld. Dat de terminologie die hij hanteert onder vrienden om het spel der kinderliefde onder woorden te brengen mijn wenkbrouwen doet fronsen. Dat hij zich niet hoeft te haasten om de plot te ontrafelen van iets waar zijn moeder zelf nog steeds geen touw aan vast weet te knopen.

Ze willen naar de film. Ik doe alsof ik het niet gehoord heb. De mededeling wordt met klemtoon herhaald. “Oh, leuk, naar de film. Ja, laten we dat nog eens doen.” blijkt niet het verhoopte antwoord. Ik blijk geen deel uit te maken van de “we” die hij bedoelt. Voor het eerst is zijn “wij” een andere “wij” dan de mijne.

Ik had het vorige stadium in het opvoedkundig traject nog lang niet onder de knie. Nu zijn we ongemerkt en onvoorbereid in een nieuwe fase beland, eentje waar ik nog minder van begrijp dan van alle vorige fases bij elkaar. Ik hol blind achter voldongen feiten aan.
Deze onwelgekomen fase brengt nieuwe, voorlopig hypothetische, maar wellicht onvermijdelijke zorgen mee. Over hartzeer en andere soorten verdriet. Over verkeerd of ongewenst ouderlijk advies versus geen advies. 

Heimwee lijkt misplaatst wanneer je kinderen helpt opgroeien. Toch verlang ik even met weemoed terug naar wat vandaag ver weg lijkt. Naar opgerispte melk en veel te natte kussen. Naar dolle pret om niets en dramatische tranen om nog veel minder. Naar mijn rol in het geheel der dingen: de zon waar al de rest in een onverstoorbaar continuum omheen draaide. Die rol moet ik afleggen, een realiteit die plots, met dank aan het liefje, niet langer te ontkennen valt.



Laat het niet wennen

2016-03-24T10:35:58.793+01:00

[...]



Brief aan Sint-Valentijn

2016-02-11T19:01:59.085+01:00

[...]



Lijstjestijd

2015-12-26T14:55:53.675+01:00

[...]



Radicaliseren

2015-11-27T12:50:40.591+01:00

[...]



Breaking

2015-11-18T11:41:05.652+01:00

[...]



Uitgenodigd

2015-11-06T23:45:06.140+01:00

[...]






Complimenten

2015-10-28T17:15:02.947+01:00

Om kans te maken ooit Belg te worden moeten erkende vluchtelingen onder andere ondertekenen dat men de waarde "gelijkheid tussen mannen en vrouwen" respecteert. Want dat is wat echte Belgen doen. Toch?  Ik had per abuis wat tijd om daarover na te denken. Over dat hele gendergelijkheidsvraagstuk dus. Over hoe moe ik geworden ben van het gezwets over de zogenaamd verworven rechten van westerse vrouwen en de daarbijhorende dooddoeners. Dat we niet zo moeten zeuren. Dat we overdrijven. Dat we geen gevoel voor humor hebben. Dat er tegenwoordig niks meer mag.'Wijven moeten niet zoveel complimenten maken.' bulderde kamervoorzitter Louis Major tegen politica Nelly Maes toen die vroeg om met haar meisjesnaam te worden aangesproken. Gek lang is dat niet geleden. Gek veel is er niet veranderd, al luidt en oogt het moderne seksisme doorgaans wat minder onbeschoft.‘Na drie overwinningen op rij moet journaliste Danira Boukhriss Terkessidis wat gaan doen aan haar imago.’ schreef de ‘VIPS-journalist’ van Het Laatste Nieuws deze week. Danira had namelijk ‘Dat kan mij op dit ­moment niet veel schelen.’ geantwoord op de vraag wie van haar tegenstrevers in De Slimste Mens Ter Wereld ze het liefst zag doorgaan naar de volgende ronde. ‘Dat is geen foutje in de roes van de overwinning, maar ongepaste arrogantie’, aldus Het Laatste Nieuws. Eerder had Slimste Mens-presentator Erik Van Looy al opgemerkt dat Danira ‘niet op haar mondje gevallen’ was.Het klinkt en leest allemaal wat minder grofgebekt als ‘wijven die complimenten maken’, maar in se komt het op hetzelfde neer. Dat we nederig, bescheiden en vooral niet ad rem mogen zijn.Ik bracht mijn lagere schooljaren door op een katholieke meisjesschool onder nonnenbewind. Het motto van zuster directrice was ‘wees voornaam’. ‘Voornaam’ werd in die tijd en context vrij vertaald als: nooit tegenspreken, altijd met je benen netjes tegen elkaar zitten, en vooral, onder geen beding, de indruk wekken dat je ergens een eigen mening over had.Het spreekt voor zich dat ik toen al niet uitblonk in voornaamheid, last had van oprispende meningen over vanalles, en mijn benen niet in de plooi kreeg. Tot overmaat van ramp sprak ik al eens tegen als de situatie daar volgens mij om vroeg.Een paar tientallen jaren later bevond ik me door professionele omstandigheden met regelmaat rond een vergadertafel in exclusief, of in ieder geval hoofdzakelijk mannelijk gezelschap. Ik leerde dat ik in het beste geval genegeerd, in het slechtste geval belachelijk gemaakt werd als ik me ‘voornaam’ gedroeg. Ik leerde dat ik gedoogd werd en op termijn eventueel gerespecteerd, wanneer ik m’n job naar behoren deed. Dat mijn engagement in twijfel werd getrokken toen ik moeder werd, maar dat van mijn lief, nochtans de vader van hetzelfde kind, onverminderd werd bejubeld. Dat ik nooit naar sympathie moest hengelen, dat mijn mening nooit opwoog tegen die van een man en dat ik genadeloos werd opgeofferd wanneer dat iemand goed uitkwam. Intussen weet ik dat ik niet de enige ben met dat soort ontluisterende ervaringen. Ik wil ze niet te eten geven, de hordes moegetergde vrouwen die onzacht in aanraking kwamen met mannelijke en paternalistische bestuurders of directies. Het blijkt een gevecht dat niet te winnen valt. Een vrouw die zich aardig en bescheiden gedraagt wordt niet ernstig genomen. Wie het spel meespeelt en zich assertief toont, is een bitch of een vervelend, en d[...]



Verboden te klimmen

2015-10-12T16:40:52.136+02:00

[...]